Je hoeft niet te scheiden, te verhuizen of je baan te verliezen om ineens zonder vrienden te zitten. Het gaat sluipender dan dat. De appgroep van vroeger stuurt af en toe nog een meme, maar wanneer heb je voor het laatst met iemand afgesproken zonder concrete aanleiding? Uit een systematische review die deze zomer verscheen in Frontiers in Public Health blijkt dat het aandeel Amerikaanse mannen zonder een enkele hechte vriend is gestegen van 3 procent in 1990 naar ongeveer 15 procent nu. Bijna een vervijfvoudiging in drie decennia. En het is geen typisch Amerikaans probleem: ook in Nederland loopt het cijfer al jaren op.
Het lastige is dat dit meestal niet als een crisis aanvoelt. Er is geen moment waarop je vriendschap officieel eindigt, geen ruzie, geen afscheid. Je stelt een keer een afspraak uit voor een drukke week, de ander doet hetzelfde, en voor je het weet is het anderhalf jaar later en heb je alleen nog verjaardagsberichten uitgewisseld. Daardoor merken de meeste mannen pas hoe leeg hun agenda eigenlijk is op het moment dat ze iets nodig hebben, een verhuizing, een moeilijk gesprek, een avond waarop ze niet alleen willen zijn.
Waarom je vrienden precies rond je dertigste verdwijnen
De verklaring zit in hoe mannenvriendschappen meestal ontstaan: niet aan de keukentafel, maar naast elkaar. Op het voetbalveld, in de kleedkamer, achter een biertje na de training, op de studentenkamer, op kantoor. Onderzoekers noemen dit "shoulder to shoulder"-vriendschappen: je bouwt een band op terwijl je samen iets doet, niet doordat je erover praat. Dat werkt uitstekend zolang de structuur eromheen blijft bestaan, dezelfde klas, hetzelfde team, dezelfde werkvloer. Verdwijnt die structuur, dan verdwijnt vaak ook het contact. Vriendschap blijft een van de belangrijkste bouwstenen voor een goed leven, maar juist de vriendschappen die op toeval en gelegenheid draaiden, houden geen stand zonder dat toeval.
De cijfers liegen er niet om
Volgens de laatste CBS-cijfers voelt bijna de helft van de Nederlandse volwassenen zich eenzaam, tegenover 39 procent in 2012. Mannen scoren daarbij voor het derde jaar op rij hoger dan vrouwen. Dat wil niet zeggen dat mannen minder contacten hebben, uit tijdsbestedingsonderzoek blijkt dat mannen en vrouwen ongeveer evenveel tijd alleen doorbrengen. Het verschil zit in de diepte: mannen hebben vaker activiteitgerichte contacten en minder vaak iemand met wie ze echt over hun leven praten. Precies dat gat tussen "mensen om je heen" en "iemand die je echt kent" is wat onderzoekers de friendship recession noemen. Opvallend genoeg zegt dat weinig over hoeveel mensen je kent, maar alles over hoe weinig van die mensen weten hoe het écht met je gaat.
Mannen voelen het anders, en daar zit het probleem
Eenzaamheid bij mannen ziet er zelden uit zoals je zou verwachten. Het uit zich niet in het woord "eenzaam", maar in prikkelbaarheid, overwerken, meer drinken dan normaal of urenlang op een scherm staren. Een deel daarvan komt voort uit een cultuur waarin gevoelens tonen nog steeds als zwak geldt. Dat is ook waarom stoïcisme zo aanslaat bij mannen: het biedt een raamwerk om moeilijke emoties te beheersen, maar wordt in de praktijk soms verward met emoties helemaal negeren. Op de lange termijn is dat geen gratis strategie. Chronische eenzaamheid verhoogt het risico op hartklachten en een vroege dood net zo sterk als roken, en dat sluit aan bij het patroon waarbij Nederlandse mannen gemiddeld drie jaar korter leven dan vrouwen.
Zo bouw je gericht een nieuw netwerk op
Het goede nieuws: vriendschap op latere leeftijd is geen kwestie van geluk, maar van herhaling organiseren. Een paar dingen die aantoonbaar werken.
- Kies iets met een vaste herhaling. Een hardloopgroep, een vaste pokeravond, een klimzaal met een vast lesuur. Losse afspraken vragen elke keer opnieuw energie, een terugkerend moment niet.
- Wees degene die de tweede keer voorstelt. Onderzoek van communicatiehoogleraar Jeffrey Hall laat zien dat het gemiddeld zo'n vijftig uur samen kost om van kennis naar losse vriend te gaan, en rond de tweehonderd uur om echt close te worden. Dat gebeurt niet vanzelf, iemand moet steeds opnieuw uitnodigen.
- Onderschat je zwakke contacten niet. De buurman, een oud-collega, iemand van de sportschool: uit onderzoek blijkt dat dit soort losse banden vaak meer nieuwe kansen en aansluiting oplevert dan je hechte kring, juist omdat ze andere mensen en ideeën meebrengen.
- Praat af en toe ook gewoon ergens over. Shoulder-to-shoulder-tijd is een prima start, maar een vraag als "hoe gaat het nou echt met je" af en toe tussendoor maakt het verschil tussen een sportmaatje en een vriend.
Dit is de afspraak die je deze week al maakt
Je hoeft niet meteen je hele sociale leven om te gooien. Kies één persoon met wie het contact is weggezakt en stuur vandaag een concreet voorstel, geen vage "moeten we snel afspreken". Een tijd, een plek, een activiteit. Doe dat elke twee weken bij iemand anders en over een half jaar heb je niet toevallig een netwerk, maar een netwerk dat je zelf hebt opgebouwd. Dat is precies het verschil tussen wachten tot vriendschap je overkomt en ervoor zorgen dat het gebeurt.